Sappho — Anton van Wilderode

Sappho — Anton van Wilderode
Sappho — Anton van Wilderode

Anton van Wilderode
Sappho
Uitgeverij P
Leuven, 2002 (56 pp.)
1e druk
ISBN 90 76895 30 9

uit de persgeselecteerd

Sappho van Lesbos, de tiende muze, liet rond 600 v.C. als eerste vrouw in de wereldliteratuur een heel persoonlijke stem weerklinken. Van haar uitgebreid oeuvre, dat afwisselend werd verguisd en bejubeld, resten ons slechts één volledig bewaard gedicht, een handvol langere fragmenten en een paar honderd poëtische flitsen. Toch wordt zij beschouwd als een van de grootste dichteressen aller tijden. De zangeres van verlangen, die niet kon weerstaan aan alles wat mooi was, in het bijzonder aan de meisjes die in haar kring verbleven, verwoordt op een heel directe manier haar hartstocht en haar pijn in beklijvende beelden en verzen vol muziek. Voor vertalers een grote uitdaging. In de literaire nalatenschap van Anton van Wilderode is zijn onvoltooide vertaling van Sappho een verrassend geheel, een boeiend literair-historisch document, dat bovendien ook poëtisch belangwekkend is. Deze uitgave laat niet alleen de stem van Sappho opnieuw klinken, het vervolledigt tegelijk het beeld van Anton van Wilderode als vertaler van antieke poëzie.

uit de pers

‘Men moet de uitgave vooral bezien als literair-historisch document, als aanvulling op het gewone werk van Van Wilderode. Het boekje biedt hier voldoende interessant materiaal. In een heldere toelichting laat de bezorger de geschiedenis van het materiaal zien. Al met al is de uitgave een aardige toevoeging aan de inmiddels rijke traditie van Sappho in het Nederlands.’ (Vincent Hunink in Hermeneus)

‘Het is een mooie, bibliofiele uitgave geworden, zoals de Leuvense uitgeverij P er nog wel in het fonds heeft. […] Erg interessant op dit vlak zijn ook de “annotaties en varianten” per gedicht, vooral de toelichtingen van redacteur Patrick Lateur. […] Deze publicatie is, kortom, op twee manieren complementair: ze bekleedt een aparte plaats binnen de waaier van Nederlandse Sapphovertalingen, én binnen het vertaaloeuvre van Anton van Wilderode. Of ze de liefhebbers van de Griekse dichteres evenzeer zal aanspreken als die van de Wase dichter, is de (open) vraag.’ (Kristoffel Demoen in Tetradio).

‘Dank zij de speurzin van Patrick Lateur en de smaak voor bibliofiele preciosa van de uitgeverij P beschikken we nu over een kostbaar boekje met de fragmenten van een onvoltooide Sapfovertaling. […] In ieder geval biedt deze verzameling een waardevolle, kostbare aanvulling bij de immense voorraad teksten die Anton van Wilderode heeft nagelaten. Dank aan degenen die aan deze verwezenlijking hun beste krachten hebben gewijd.’ (Herman Verdin in Kleio)

geselecteerd

Uitnodiging tot Aphrodite (fr. 2)

Kom naar me toe van Kreta, naar de tempel,
de wijplaats tussen ijle appelbomen
en offertafeltjes waarboven geuren
wolkjes van wierook.

Hier gaat koel water ruisend door de twijgen
en geven rozenstruiken volle schaduw,
ons overvalt uit beweeglijke blaadjes
droomloze sluimer.

Hier ligt een weide voor grazende paarden
dwarsdoor bestippeld met vrolijke bloemen,
hier waaien briesjes, zomerse zachte ……
……………….

Kom naar me toe, Aphrodite van Cyprus,
meng overvloedig in volgouden bekers
geurende nectar, zo wordt onze vreugde
groot en volledig.

Aan een vrouw zonder kunstzin

Als je gestorven bent, word je begraven
en verder zal geen mens meer aan je denken,
geen wezen zal jou later nog bewenen,
want geen verwantschap had je met de rozen
van Piëria, — en in Hades’ woning
zwerft vogel ziel, gevlogen uit je lichaam,
tussen het naamloos leger van de schimmen.

(fr. 105)

Zoals een suikerappeltje roodt op het uiterste takje
hoog op het allerhoogste, — ach, door de plukkers vergeten;
vergeten, welnee, — maar voor hun greep onbereikbaar!