Toscane

Toscane — Een literaire ontdekkingsreis
Toscane — Een literaire ontdekkingsreis

Toscane. Een literaire ontdekkingsreis
Davidsfonds/Het Spectrum
Leuven/Utrecht, 2002 (288 pp.)
1e en 2e druk
ISBN 90 6306 439 X

uit de pers

Waar de hemel helder is, de rust zalig en het verleden tastbaar… Toscane is terecht een pleisterplaats voor cultuurtoeristen. Ook grote literatoren trokken door de streek en schreven hun impressies neer.
De Italianen Dante en Petrarca vonden in het gezegende Toscane inspiratie. Maar er klinken evenzeer stemmen van buitenlanders die er verbleven. Heine en Rilke, Taine en Proust, Woolf en Wordsworth. Net zoals Couperus en Van Wilderode.
Toscane. Een literaire ontdekkingsreis is een ticket voor een van de mooiste imaginaire reizen. Een uitstekende wegwijzer ook voor ter plaatse. De literaire trip zigzagt van de Tyrrheense kust naar de bergachtige Casentino, tussen Florence en Pisa, door vruchtbare valleien en over heuvels waar de wind de cipressen geselt. Onderweg proeven we de Middeleeuwen en de Renaissance in fresco’s en beeldhouwwerk, op piazza’s en tussen kloosterruïnes. We ontmoeten heiligen en roofridders, mannen met mythische allures en heerlijke vrouwen.

Zie ook: Alle schrijvers leiden naar Rome.

uit de pers

‘Een boek lezen over je reisdoel is een prima manier om de reisvreugde aan te wakkeren. Toscane, een literaire ontdekkinsgreis van Patrick Lateur is zo’n boek. Een boek waarin je ook over de reisvreugde en -verlangens van schrijvers leest, die over hun ervaringen met Toscane een verhaal penden.’ (Hilde Van Durme in Letters Magazine / Het Nieuwsblad)

‘Nu ook al persmuskieten en mystiektoeristen zich aan de dampende cypressenheuvels vergapen, loert de massa-industrie om de hoek. […] Enige behoudsgezindheid is dus aangewezen om Toscane ongeschonden te bewaren, al was het maar in gedachten. De Vlaamse classicus Patrick Lateur heeft zijn bijdrage alvast geleverd. Hij heeft een eigen recept ontwikkeld met het boek Alle schrijvers leiden naar Rome (2000). Ook dat was een zorgvuldige mix van geoliteraire genietingen. De streek per strekkende kilometer leren kennen, via wat erover en erin geschreven is. Dat is het procédé. De eigen Toscaanse schrijvers komen natuurlijk aan bod. Dante, Petrarca, Boccaccio, Machiavelli. Later waren hier de Engelsen zowat de baas. Wordsworth, Shelley, Dickens, Huxley, Byron. Maar ook onze eigen dichters en romanciers lieten zich niet onbetuigd. Nooteboom, Van Schendel, Couperus, Claes (Ernest en Paul), Hertmans en vele anderen. Zij hebben allemaal Toscane bezocht en beschreven, zoals trouwens de grote rest van het internationale literaire wereldje. Van Aafjes, Bert tot Zaal, Wim. Ook nu weer worden allerlei, soms gezochte, verbanden gelegd tussen locaties, teksten en kunstwerken. En weer zijn er schitterende zwartwitfoto’s van een ongelooflijke scherpte en sfeer (uit de jaren zestig, van Gianni Berengo Gardin).’ (Henk Dheedene in De Financieel-Economische Tijd)

‘Deze “literaire ontdekkingsreis” scherpt je verwondering opnieuw aan. Eerder dan een toeristische gids te willen zijn, neemt Lateur je mee voor een reis in tijd en ruimte in je hoofd. In Arezzo staan en weten dat Maecenas, Petrarca en de uitvinder van de toonladder er geboren zijn, geeft de verweerde gevels en uitgesleten trappen de glorie terug van goeddeels vergeten grote geesten.’ (Betty Mellaerts in Poëziekrant)