Fabels — Leonardo da Vinci

Fabels — Leonardo da Vinci
Fabels — Leonardo da Vinci

Leonardo da Vinci
Fabels
Uitgeverij P
Leuven, 2001 (48 pp.)
1e, 2e en 3e druk
ISBN 90 76895 14 7

uit de persgeselecteerd

Wie Leonardo da Vinci zegt, denkt aan de Mona Lisa uit het Louvre en Het Laatste Avondmaal in Milaan, aan schetsen en uitvindingen, en misschien ook wel aan duizenden bladzijden met teksten en tekeningen die deze uomo universale heeft nagelaten.
Minder bekend is het feit dat tussen die talloze manuscripten verschillende fabels te vinden zijn, die Da Vinci in de buurt brengen van grote voorgangers als Aesopos en Phaedrus en van een Jean de la Fontaine na hem. De verspreide fabels zijn een originele creatie van Leonardo zelf en het gedachtegoed ervan sluit nauw aan bij zijn onderzoek naar de krachten die in de natuur werkzaam zijn. Da Vinci, die door de in het Latijn schrijvende geleerden aanzien werd als een omo sanza lettere, wist in het Toscaans poëtische pareltjes neer te zetten, die vandaag velen zullen verrassen.

zie ook: Leonardo da Vinci, Bestiarium, Maximes en Raadsels & voorspellingen

uit de pers

‘Meer moet dat niet zijn: Fabels van Leonardo da Vinci, in een blauwe omslag met een vergulde kleine boom die lijkt te wuiven. Het colofon leert je dat die boom, een acacia, afkomstig is uit een schetsje van Da Vinci zelf; en in het boekje staan nog andere schetsen van zijn hand afgedrukt, waaronder een prachtige tak met wilde bramen. … Patrick Lateur zorgde voor een knappe vertaling en liet de Italiaanse teksten mee afdrukken. Als je die leest, vang je nu en dan iets op van Leonardo’s vertelritme en denk je aan het geroezemoes van zijn gesprekspartners in de zalen van het Castello Sforzesco.’ (Leen Huet in De Morgen)

‘De fraai uitgegeven fabels van Leonardo da Vinci blijken ook vandaag de dag een krachtig antidotum tegen verwaandheid, arrogantie en verloedering.’ (Joris Gerits in Streven)

‘Heel mooi vertaald. Voor liefhebbers van vroeg Italiaans en van de fabelliteratuur en voor geïnteresseerden in Leonardo da Vinci.’ (L. Turksma, Nederlandse Bibliotheek Dienst)

‘Lateur heeft deze fabels goed en vlot vertaald. Terecht splitst hij regelmatig de soms lange zinnen op. Af en toe verduidelijkt hij de inhoud, zoals de toevoeging “vuur” bij “het hoogste van de elementen”. Dat hij de oorspronkelijke tekst van nabij volgt, heeft uitzonderlijk wel eens een iets te letterlijke vertaling tot gevolg, maar dat maakt ook de oorspronkelijke tekst toegankelijker. In dit mooi verzorgde en interessante boekje zijn ook enkele etsen van Da Vinci opgenomen.’ (Jef Ector in Leesidee)

‘Naast de vertalingen van de fabels (sommige zo kort dat het feitelijk aforismen zijn) is voor wie het kan lezen de brontekst afgedrukt. […] Ook in de rijke Toscaanse natuur vieren hooghartigheid, vraatzucht, verongelijktheid, ongeduld, ijdelheid en spotzucht dus hoogtij. De moraal is meestal dat wie te veel wil, de kous op de kop krijgt.’ (Niek Miedema in Vrij Nederland)

geselecteerd

De aap trof een nest kleine vogels aan en naderde heel blij. Maar omdat zij al konden vliegen, kon hij alleen maar het kleinste vangen. Vol vreugde nam hij het in de hand en trok ermee naar zijn schuiloord. Hij begon dat vogeltje te bekijken en te kussen. Smoorverliefd kuste en draaide hij het zo vaak om en om dat hij het dood drukte.
Deze fabel wordt verteld voor hen die hun kinderen kwaad berokkenen door hen niet te straffen.

De limoenboom was trots op zijn schoonheid, verachtte de struiken in de omgeving en liet ze uit het gezicht verwijderen. De wind, door niets meer tegengehouden, ontwortelde hem daarna en wierp hem op de grond.

De spin die dacht rust te vinden in het sleutelgat, vond er de dood.

Het mes, een kunstmatig wapen, ontneemt de mens zijn nagels, een wapen dat de natuur hem gaf.