Taras Boelba

Wanneer en hoe het schrikbeeld ‘Taras Boelba’ zich in mijn jeugdig hoofd vastzette, weet ik niet meer. De kozakkenleider blijft schrikwekkend, ook nu ik in het weekend het verhaal van Gogol las in de Russische Bibliotheek.
De jonge Oekraïner had ongetwijfeld Homeros’ Ilias voor ogen toen hij de strijd bij een Poolse vesting beschreef: vergelijkingen, een cataloog van de kozakkenvendels, stereotiepe beelden voor gesneuvelden, etc. De sterkste reminiscentie is het moment waarop Taras Boelba uit onvrede zijn sabel in tweeën breekt en zweert: ‘Zoals de twee helften van dit slagzwaard zich niet meer tot één geheel zullen verenigen en één sabel zullen vormen, zo zullen wij, kameraden, elkaar in deze wereld niet meer zien.’ (VW I.383) Doet denken aan Achilles die in de eerste zang van de Ilias zweert bij zijn scepter en zich uit de strijd bij Troje terugtrekt.
Taras Boelba leest vandaag toch ietwat ongemakkelijk, en niet alleen omdat het verhaal antisemitisch is. De Oekraïense auteur heeft zijn versie van 1835 zeven jaar later wat gewijzigd en uitgebreid met meer Russische accenten, want de tsaar las mee en Gogol was inmiddels een gevierd auteur.
Of hoe je uit de letteren kan leren hoe onze oudste dichter in de verste plooien van de literatuur mee blijft spelen, én hoe de gevoeligheden in het land van de Djnepr vandaag blijven doorwerken.