Loire 3 – Het graf van Ronsard

Als ik de Prieuré Saint-Cosme verlaat, werpt de winterzon een eerste lichtvlek op het graf van Pierre de Ronsard. De vorst van dichters en dichter van vorsten verbleef hier van 1565 tot zijn dood in 1585 als prior zonder kloostergeloften en mét prebende, een koninklijke gunst van Charles IX. Op de oevers van de Loire redigeerde Ronsard vijf edities van zijn werken, schreef er zijn slechtste werk, het nooit voltooide La Franciade, maar ook de erg mooie bundel Sonnets pour Hélène. Hélène de Surgères was hofdame van Catharina de’ Medici, de prior van Saint-Cosme was Frankrijks grootste liefdesdichter. Bladerend in een deel van de Pléiade, die haar naam ontleent aan de kring van Ronsard en zijn vriend Du Bellay, bots ik op het overbekende Quand vous serez bien vieille, au soir à la chandelle (II.XLIII). Het begin van het sextet klinkt hier bij zijn zonbeschenen grafsteen anders dan elders:
Je seray sous la terre, et fantausme sans os
Par les ombres Myrtheux je prendray mon repos.

Paul Claes, die in deze Prieuré in 2011 de Prix du sonnet des Amis de Ronsard won, vertaalt de verzen in De tuin van de Franse poëzie. Een canon in honderd gedichten zo:
Ik word onder de aarde straks een ijl fantoom
Dat rust zoekt in de schaduw van een Mirtenboom.
(103)
Balzac in het kasteel van Saché, Ronsard in deze priorij bij Tours: er zijn oorden waar woorden blijven wonen.