Rorate caeli – III

  • Laat de Heer uw vreugde blijven; ik zeg u nogmaals: wees altijd verheugd. Laat iedereen u kennen als vriendelijke mensen. De Heer is nabij.
  • Gaudete in Domino semper. Iterum dico: Gaudete! Modestia vestra nota sit omnibus hominibus. Dominus prope.
  • Χαίρετε ἐν κυρίῳ πάντοτε· πάλιν ἐρῶ, χαίρετε. τὸ ἐπιεικὲς ὑμῶν γνωσθήτω πᾶσιν ἀνθρώποις. ὁ κύριος ἐγγύς.

Tweede lezing: Paulus, Brief aan de Filippenzen 4:4-5 (NBV21 – Vulgata – Septuaginta)