Reizen in de geest – 2

In de voorbije weken las ik twee grandioze reisverhalen. Voor de derde keer liep ik met Dante van Inferno naar Paradiso, met Candide van Voltaire reisde ik voor de eerste maal de wereld rond. De middeleeuwse dichter laat je in zijn Divina Commedia als homo viator schouwen in een wereld van zekerheden, al op de tweede bladzijde van zijn Candide ou l’Optimisme ironiseert de verlichte filosoof ‘ce meilleur des mondes possibles’ van Leibniz. De vaak te onpas geciteerde slotzin bevat een wijsheid die Voltaire van een oude Turk kreeg. En die voelt men pas ten volle aan na een wereldreis vol dramatiek en hilariteit: ‘… mais il faut cultiver notre jardin.’
Ik las Voltaire in een minder frisse editie uit 1927, in een dito boek uit 1929 las ik ooit Dante in zijn taal. Vroeg daar vorige week een van de kleuters in huis: ‘Moeke, waarom leest vake altijd kapotte boeken?’ Het ab uno disce omnes leert Mats nog wel af.