Ne quid nimis

Ik loop de heuvel af en kijk over de Abdij van Park, zowat negenhonderd jaar oud. Landerijen, vijvers, muren, poorten, kerk en gebouwen rond het pand. Een ongewone site. Ik slenter door de gerestaureerde ruimten met de lopende tentoonstelling Als de bliksem. Knap stucwerk in refter en bibliotheek, intrigerende glasramen, een pracht van een Bijbel uit Norbertus’ eeuw. Een witheer van het Park koos ooit als devies Ne quid nimis. Een oude wijsheid uit de Adria van komedieschrijver Terentius, die het via via uit Hellas haalde: Μηδὲν ἄγαν. Maat in alles, in niets te veel. De salons van weleer geuren naar chic, in de abtskamer zie ik snuifdozen en een voetverwarmer uit het ancien régime. De rol van abdijen op politiek en economisch, sociaal en cultureel vlak is altijd en overal dubbel geweest. Vaak een te veel van het ene en een te weinig van het wezenlijke. En toch, ik zal nooit en nergens een abdij opzij laten liggen.

Foto © PARCUM – Jean de Caumont, De bekering van Norbertus, (glasraam, detail), 1635-1644. De bekering van Norbertus (1080-1134), die van zijn paard werd gebliksemd, lijkt een variante op Paulus’ bekering op de weg naar Damascus.