Verdwijnen

Deze week verliet ik Tropismes in het gezelschap van twee Franse vrouwen. Delphine Horvilleur (1974) had met Vivre avec nos morts indruk gemaakt in La Grande Librairie en in het deurgat zag ik van Annie Ernaux (1940) Les années in pocket liggen. Dat gelauwerde boek dateert al uit 2008 (!), dankzij o.m. de Italiaanse Premio Strega Europeo 2016 brak de Normandische overal door. Een op het eerste gezicht zakelijke autobiografie die voor een zeventiger het collectief en dus herkenbaar curriculum oproept van de tweede helft van de vorige eeuw. Horvilleur is een liberale rabbijn (‘une femme rabbin’) in Parijs en vertelt op een heel betrokken manier haar omgang en gesprekken met de familie n.a.v. begrafenissen. Confronterend voor een zeventiger.
Beide auteurs hebben het in wezen over verdwijnen. Ik zie de laatste zin van Ernaux: Sauvez quelque chose du temps où l’on ne sera plus jamais. (Folio, 254). Horvilleur ziet zichzelf als een vertelster: Savoir raconter ce qui fut mille fois dit, mais donner à celui qui entend l’histoire pour la première fois des clés inédites pour appréhender la sienne. (Grasset, 17). Ik denk dat de rabbijn (ook het Nederlands heeft daarvoor nog geen vrouwelijk woord) mij meer perspectief geeft.