Twee realisten

Toen ik vorige week in Turnhout voor het standbeeld van Renier Snieders stond, stak in mijn binnenzak toevallig Guy de Maupassant in een uitgave van Livre de Poche. In de trein las ik een paar stukken uit Le Rosier de Madame Husson, o.m. L’odyssée d’une fille dat ik een week eerder las in de Veen-vertaling onder de titel De odyssee van een hoertje. Van Cuijlenborg (of de uitgever) vertaalt de titel nogal tendentieus, bovendien dateert het verhaal wel degelijk uit 1887 en hoort het dus thuis in een ander Veen-deel.
Zo toevallig stak De Maupassant nu ook weer niet in mijn vestzak, ik lees hem momenteel in de Veen-uitgave als dagafsluiter. Ik moet toegeven, niet altijd de meest aangewezen lectuur om de nacht in te gaan. Uit nieuwsgierigheid grasduinde ik na Turnhout even in de verhalen van Reniers broer August. Zijn bundel Fata Morgana dateert uit exact dezelfde periode als de bundel van De Maupassant. De vergelijking tussen August en Guy toont alleen maar de grote kloof aan die onze letteren toen nog moesten overbruggen.