Voor Katleen – Valentijn 1981

De Moezeldichter Ausonius, afkomstig uit Bordeaux, een van ‘mijn’ vierde-eeuwse schrijvers, is ook de auteur van ruim honderd epigrammen. Valentijn is te onzent een aparte dag. Ergo, een uxor-gedicht van de eerste Franse dichter.

Voor Katleen – 14.02.1981

Vrouw, leven moeten wij zoals voorheen, de namen
behouden van het pril begin, van toen we trouwden.
Geen dag mag ons doen anders worden met de jaren:
ik altijd jong voor jou en jij voor mij een lief.
Al ben ik ouder nog dan Nestor en al win jij
het ook in jaren van de zieneres van Cumae:
negeren moeten wij de rijpe oude dag.
De waarde van de jaren telt, niet hun getal.

Uxor, vivamus ceu viximus, et teneamus
nomina quae primo sumpsimus in thalamo,
nec ferat ulla dies ut commutemur in aevo,
quin tibi sim iuvenis tuque puella mihi.
Nestore sim quamvis provectior aemulaque annis
vincas Cumanam tu quoque Deiphoben,
nos ignoremus quid sit matura senectus:
scire aevi meritum, non numerare decet.

Brontekst: R.P. Green, The Works of Ausonius, XIII. Epigrammata 20, Oxford, 1991, p. 71-72. – Foto: Rome, Villa van de Quintilii aan de Via Appia.