Laokoön in Gent

De slangen ontbreken en de rechterarmen van Laokoöns zonen zijn opnieuw aangevuld. Van ver lijken ze met z’n drieën een dans uit te voeren. Tot ik weer het verkrampte gelaat van de lijdende Laokoön zie en de angst lees in de ogen van de jongens. Maar vanwaar hun angst? De slangen zijn er niet.
In de dialoog met zijn culturele wortels speelt Kris Martin met vormen door ze te vervormen, te verplaatsen (portretten van Adam en Eva in Het Lam Gods), leeg te maken (het frame van Van Eycks veelluik op het strand van Oostende), door weg te laten of weer toe te voegen, zoals in de hellenistische Laokoöngroep. Haast ongemerkt verzoent hij de twee versies van de groep. In 1506 werd het werk broksgewijze in een wijngaard op de Oppius in Rome aangetroffen en ‘gerestaureerd’, om dan weer in 1905 te worden aangepast met de rechterarm van de priester die bij een Romeinse steenhouwer werd gerecupereerd. Meer over de twee versies hier. In Martins derde versie zie ik vooral wat er niet meer te zien is: de bron van angst. En daar laat de kunstenaar anno 2020 het antwoord aan ons over. Wat beangstigt mensen vandaag?
Exit, de eerste overzichtstentoonstelling van Kris Martin (1972), die sinds lang furore maakt in het buitenland, stelt in het Gentse S.M.A.K. veel vragen.

[Dit stuk wordt gereblogd op #GrondslagenNet, de groepsblog van archeologen, classici en oudhistorici.]