Literaire neuzen

Wat hebben Gogol, Rostand en Collodi gemeen? Het viel me onlangs op toen ik kort na elkaar de romantische komedie Cyrano de Bergerac (1897) las en het groteske kortverhaal De neus (1836). En dan denk je gelijk aan het kinderboek De avonturen van Pinocchio (1883). De negentiende eeuw hebben ze dus gemeen, ja, maar de grootste gemene deler is de neus: de leugenneus van de houten pop uit het kinderboek, majoor Kovaljovs neus die een eigen leven gaat leiden en de lelijke neus waarop Cyrano toch prat ging, want hij is “l’indice / D’un homme affable, bon, courtois, spirituel, / Libéral, courageux, tel que je suis…” (293-295). Naar het schijnt was Gogol niet gelukkig met zijn eigen neus en zou dat mede zijn Petersburgs verhaal hebben ingegeven. Tiens, de neus van de auteur? Dan was er lang geleden nog een: Ovidius, de dichter van Metamorphoses. Zijn bijnaam was Naso, grote neus.

Karikatuur van een onbekende tekenaar: Gogol ontmoet de neus uit zijn kortverhaal De neus. – Illustratie van Carlo Chiostri in Collodi, Le avventure di Pinocchio, de editie van 1901.