Milde geneesheren

Vandaag op De Druivelaar Cosmas en Damianus, Syrische tweelingbroers, beiden arts, in 303 onthoofd onder keizer Domitianus. Ze worden anargyroi (ἀνάργυροι) genoemd, ‘geldverachters’, omdat ze gratis zorgen toedienden in Pheremma bij Kyrrhos (vandaag Nebi Huri) ten noordwesten van Aleppo.
Voor de basiliek van Cosmas en Damianus in Rome werden ruimten gebruikt van de Vredestempel en van de Tempel van Romulus (zoon van Maxentius), die uitgeeft op de Via Sacra. De apsismozaïek van rond 530 stelt naast Petrus en Paulus (witte gewaden) de beide heiligen voor met martelarenkrans. Cosmas en Damianus zijn de patroons van allen die in de medische sector werken.

Gery Helderenberg (1891-1980, Staatsprijs voor Schrijverscarrière 1975) wijdde aan hun figuur dit gedicht:

De milde geneesheren

Omdat zij physica studeren
de kracht van wortel en plant
en behendig diagnostiseren
kwaal van huid en ingewand,

omdat zij sap van bast en kruiden
brouwen tot medicijn
en oordelen wat stenen beduiden
die zij rapen in de woestijn

en omdat zij zich vóór de keizer kruisen
in de naam der allerheiligste Drie
’s avonds als de fonteinen ruisen
aanbidden op de rechterknie,

omdat zij, gebroers, hun bloed vergieten
(lijk men zegt) onder Diocletiaan
en men ze op blauwe mozaïeken
altijd naast elkaar ziet staan:

om deze redenen noem ik ze beiden,
Cosmas en Damiaan, in de canon der mis
als wij samen de Artsenij bereiden
die voor de hemel is.

Ja! zo hoog worden zij verheven
niet om perkament en doktoraat
en er zijn geen dissertaties gebleven
waaronder hun handtekening staat.

Maar zij verzorgen u geleerd en geduldig
en, wat gij niet vermoedt,
gij blijft hun geen ereloon schuldig:
dat houden zij God tegoed!

Legende der heiligen (1958), p. 22-23.