Hans en Jan

Als opstap naar Van Eyck wou ik gisteren in Brugge Van der Paele groeten, die net als Rolin en Arnolfini, niet naar Gent komt. De kanunnik gaf niet thuis. Maar Memling woont dichtbij. Da’s de weelde van het Brugge van de Bourgondiërs. In het Sint-Janshospitaal staan en hangen zes werken: het Ursulaschrijn, drie triptieken (Piëta, Driekoningen, Johannes), het tweeluik van Maarten van Nieuwenhove en het portret van de zogenaamde Sibylla Sambetha. Ik betrad het oude hospitaal enkel voor Memling, had hem voor mij alleen, verwijlde en wandelde lang tussen en rond zijn panelen. Het kwam me voor dat hij minder lijfelijk, minder vleselijk is dan zijn voorganger Van Eyck. Wel tederder, want meer idealiserend. In 1994 stonden we in Brugge bij de eersten om de Memlingexpositie binnen te gaan. Straks schuiven we in Gent bij de eersten aan voor Van Eyck. Daar zal meer volk zijn dan gisteren en minder stilte en tijd om de werken te geven wat ze verdienen.