Het putje van het Fonds

In de Van Merlenstraat is het een beetje minder lente. Het Vlaams Fonds voor de Letteren heeft een klein financieel putje, lees ik. En dat is jammer. Zelf doe ik al een paar jaar geen beroep meer op het Fonds voor werkbeurzen of auteurslezingen. Maar ik heb de beste herinneringen aan de tijd dat ik dankzij het Fonds rustig kon werken aan o.m. Ilias en Odyssee.
Weg met dat putje dus! De voorgenomen interne besparingen kunnen helpen. Maar er zijn nog pistes.
-Wordt er wel voldoende nagegaan of toegekende werkbeurzen effectief ook leiden tot nieuw werk? Zo niet, durft het Fonds die duizenden euro’s terug te vorderen? Het Poëziecentrum en Het Balanseer zouden er op slag tientallen titels uit de zogenaamde moeilijke genres mee kunnen uitgeven.
En, een werkbeurs dient om tijd vrij te kopen om te schrijven. Eenmaal 65 hoeft een auteur dus geen werkbeurs meer te krijgen. Voor armlastige schrijvers die degelijk werk blijven brengen, kan het Nederlands systeem van eregeld worden ingevoerd.
Een en ander vergt een beetje moed. En dat hebben ze in de Generaal van Merlenstraat.