Lateur-Streuvels

Lente van Streuvels bracht me andermaal bij een foto van de auteur die zelfs bij Streuvelianen minder bekend is. Lang geleden trof me de opname in een studie van Filip De Pilleceyn, Stijn Streuvels en zijn werk uit 1932. Paul Thiers, dé Streuvelsbibliograaf, signaleert me dat de foto ook werd opgenomen in Speliers’ Album Stijn Streuvels uit 1984.
Op de foto: de twintiger Streuvels in zijn schrijfkamer in Avelgem op het einde van de 19de eeuw. In 1899 debuteerde hij met de verhalenbundel Lenteleven. Streuvels schreef over die werkkamer in zijn herinneringsproza o.m. in de schets Na vijfentwintig jaren (1924), waarin hij terugblikt op Lenteleven, en in Avelgem (1946).
Iets meer bekend is de façade van zijn bakkerij met het oude opschrift: Wwe Lateur-Gezelle Pasteibakkerij. Zijn moeder was de zuster van Guido Gezelle.
Naar mijn aanvoelen staan de twee foto’s voor zijn buitenwereld en zijn binnenwereld, voor de bakker en de schrijver, voor Frank Lateur die in de Doornikstraat in Avelgem van 1891 tot 1905 meesterbakker was en voor de schrijver die vanaf 1895 het pseudoniem Stijn Streuvels aannam. Die tweedeling wordt opgeheven wanneer Lateur medio 1905 als beroepsschrijver zijn intrek neemt in het Lijsternest op de nog kale ‘kleikop’ van Ingooigem.

bakkerij