Kracht of macht?

Gisteren stond ik in Bozar voor Kokoschka’s De macht van de muziek (1918-1920) uit het Vanabbemuseum. Een explosie van kleur, complementaire kleuren. Mij viel op hoe de Engelse en Franse titels meerduidig werken: power en pouvoir betekenen zowel macht als kracht. Wanneer ik enkel op de kleuren let, ligt kracht voor de hand. Hier wordt muziek gewoonweg kleur. Maar de jongen lijkt zich van de trompettende vrouw af te keren, de lucht boven haar is dreigend en het dier boven hem vlucht weg. Muziek als macht die afstoot? Zoals Kokoschka zich toen voelde na zijn woelige affaire met Alma Mahler?
Maar toen hij aan dit doek werkte, lag ook WO I net achter de rug. En ik lees die vrouw eigenlijk liever als een engel: ik zie vleugels, ik zie een bloem in de hand zoals bij Gabriël in het aloude visitatietafereel. En misschien wordt de jongen alleen maar gewekt, en daagt het licht, en vlucht het dier (het kwaad) weg.
Die Schwachheit und die Stärke heette het doek aanvankelijk, nadien gaf Kokoschka het als titel Die Macht der Musik. Ik kijk met meerdere ogen naar het doek, dàt is de kracht én de macht van grote schilderkunst.