E pur si muove

Op 21 december 1613 schreef Galilei een brief van zeven bladzijden aan zijn vriend Benedetto Castelli, wiskundige aan de universiteit van Pisa. In het spoor van Copernicus verwoordde hij voor het eerst zijn stelling dat het wel degelijk de aarde was die rond de zon draaide, en niet omgekeerd. Wetenschappelijk onderzoek moest loskomen van de theologische doctrine, luidt het. Van de brief circuleerden er diverse kopies en een daarvan kwam ruim een jaar later in Rome op 7 februari 1615 in handen van de inquisitie.
Het origineel van de brief (onderaan gesigneerd met G.G.) bleef vier eeuwen zoek, begin augustus vond een jonge onderzoeker het manuscript toevallig terug. In de bibliotheek van de Londense Royal Society. Het stuk lag er al meer dan 250 jaar. En wat blijkt?
Castelli moet de brief terug hebben bezorgd aan Galilei, die er een paar schrappingen en wijzigingen in aanbracht. Op 16 februari 1615 – negen dagen nadat een kopie van de strenge versie bij de inquisiteurs belandde – stuurt Galilei het aangepast origineel naar een bevriende clericus in Rome met de bedoeling de inquisiteurs (de Dominicanen van de Santa Maria sopra Minerva) wat gunstiger te stemmen.
Het was slechts uitstel van veroordeling. Zowat dertig jaar later zou Galilei verketterd worden na de publicatie van zijn Dialoog over de twee voornaamste wereldsystemen.
En toch had hij gelijk.
d41586-018-06769-4_16139258
Eerste en laatste pagina van Galilei’s brief aan Castelli, met latere wijzigingen uit 1615. Onderaan de laatste pagina zijn handtekening: G.G.