73 – David Rijser over Socrates’ pispot

“In het kader van de rol die denken speelde in Socrates’ Athene is het sowieso interessant om te constateren hoe sterk de meest recente studies zich richten op de extraverte, de openbare, de gespeelde, retorische en performatieve aspecten van de Atheense cultuur in die tijd. Het is verleidelijk Socrates’ eigen optreden in dat licht te zien: de techniek waar hij beroemd om werd, de elenchos of ‘weerlegging van andermans standpunt in dialoog’, was in feite enorm theatraal. De beroemde moderne filosofe Martha Nussbaum heeft mede daarom wel gesproken van Plato’s anti-tragic theatre. Het is zeker verleidelijk omdat in het Symposium alle andere sprekers een soort ‘vertoning’ geven, hun ‘ding doen’: Agathon met zijn lyrische prozahymne, Aristophanes met zijn hilarische verhaal over mens-bollen, Alcibiades met zijn beschonken binnenkomst als Dionysus. En inderdaad was de antieke wereld sociaal in een mate die wij nog maar moeilijk kunnen navoelen.
Anderzijds is zo’n lezing natuurlijk volledig tegen de draad van Plato’s interpretatie van Socrates als iemand die juist tegen de ‘vorm’ was, tegen het gelijk krijgen, en radicaal koos voor de inhoud, het gelijk hebben. Zo’n lezing maakt Socrates immers tot iemand die net zo op effectbejag en publieksmanipulatie uit was als de intellectuelen die hij op de korrel nam, de ‘sofisten’. Wie ‘denkt’ verliest zijn omgeving uit het oog; maar juist dat is de essentie van elk drama: dat je kijkt naar iemand die niet weet dat je naar hem kijkt. Dat maakt denkers en intellectuelen een relatief gemakkelijk doelwit voor het verwijt ‘poseurs’ te zijn. Een ‘demonstratie’ van onverstoorbaarheid (niet zonder misogynie) is zonder twijfel ook de achtergrond van de laatantieke anecdote over een woedeaanval van Socrates’ vrouw Xanthippe, die zo boos op haar echtgenoot werd dat zij een pispot over zijn hoofd uitgoot, waarop deze stoïcijns zou hebben opgemerkt: ‘Na donder en bliksem volgt nu eenmaal een stortbui.'”

– David Rijser, De portiek van de buren. Verbeeldingen van ‘denken’ in de Oudheid, AUP, Amsterdam, 2018, p.65-66.
Omslagillustratie: Reyer Jacobsz. van Blommendael, Socrates, zijn twee vrouwen en Alcibiades, ca. 1655 (Museum voor Schone Kunsten, Straatsburg)