Levinas over Van Breda

Met De pater en de filosoof. De redding van het Husserl-archief (uitgeverij Vrijdag, 2018) schreef Toon Horsten een documentair boeiend, spannend en bijwijlen vermakelijk boek over pater Van Breda, redder en uitgever van het archief van de fenomenoloog Edmund Husserl. Einde de jaren zestig zag ik de prof wel eens sloffen over de koer en door de gang van het filosofisch instituut, voor mij toen de kortste weg van Sencie naar het Leo XIII-Seminarie. Ik besefte niet wat de betekenis was van de bijna zestigjarige franciscaan in de wereld van filosofen.
De aardigste omschrijving van Van Breda is wellicht van de hand van Emmanuel Levinas: ‘Zijn goedheid en zijn universitaire fijnzinnigheid manifesteerden zich altijd in die lach, in de vrolijkheid van de tevreden boer die weet dat hij de duivel een stevige loer heeft gedraaid.’ (226)
En in zijn nawoord zet Horsten een reeks epitheta op een rijtje waaruit mag blijken hoe gekruid zijn boek wel is: ‘Het verhaal van een held, een opportunist, een ijdeltuit, een regelaar en een ritselaar, een uiteindelijk diepgelovig priester, een netwerker en een academisch manager.’ (267)
Het boek van Horsten heeft me veel duidelijk gemaakt over de donkere periode vóór en tijdens WO II, de wereld van wijsgeren, de keuzes van Heidegger, de ruimhartigheid van een atypische franciscaan. Een echte pageturner.

foto boven: Toon Horsten in de Edmund Husserl-kamer van het Hoger Instituut voor Wijsbegeerte, KU Leuven.

9200000084475269