Sicilië 5 (slot) – Zwavel. Haiku – 3

Floristella

Vallei van zwavel
geuren van zweet, leed en dood
met weerwerk van groen.

Een zwavelmijn is niet de eerste bestemming van de Siciliëganger. In het hart van het eiland sloot de mijn van Floristella-Grottacalda zowat veertig jaar geleden, vandaag loop je er helemaal alleen door een vallei die herinnert aan menselijk bedrijf. En ellende. Een van de talloze novellen van de Siciliaanse Nobelprijswinnaar Luigi Pirandello situeert zich in zo’n miniera di zolfo.
“Merkwaardig: voor de slijkerige duisternis van de diepe grotten, waar achter iedere bocht de dood op de loer lag, was Ciàula niet bang. En ook niet voor de grillige schaduwen die een flakkerende lantaarn soms op de wanden van de mijngangen wierp, of voor een plotselinge rode flikkering hier en daar in een plas, in een poel met zwavelig water: hij wist altijd waar hij was. Naar steun zoekend tastte hij het binnenste van de berg af; daar was hij blind en geborgen als in de moederschoot.
Waar hij bang voor was, was het lege duister van de nacht.”

Ciàula ontdekt de maan uit Van de neus naar de hemel. Novellen voor een jaar. Vert. Marije de Jager, Coppens & Frenks, Amsterdam, 1994, p. 53.