28 – Fik Meijer over Jezus’ intrede in Jeruzalem

‘Het is moeilijk zich voor te stellen wat Jezus heeft gedacht toen hij zijn naam op straat hoorde opklinken. Zag hij de triomfantelijke intocht als een bevestiging dat hij de weg bewandelde die zijn Vader voor hem had uitgestippeld of groeide de situatie hem nu definitief boven het hoofd? Het is een lastige kwestie. De evangelisten hebben Jezus’ rol uitvergroot en het ‘verband’ met al die andere pelgrims uit het oog verloren. Toch lijkt het erop dat een nieuwe Jezus zich tijdens de intocht presenteerde. Een man die actie ondernam. Hij maakte een keuze die hem onherroepelijk in conflict moest brengen met zijn tegenstanders. De eerder gememoreerde uitspraken over het gebruik van het zwaard en het zaaien van tweedracht waren nu geen loze kreten meer. Het maakte niet zoveel meer uit of hij het geweld categorisch bleef afwijzen of bij bepaalde gelegenheden gerechtvaardigd achtte. Dat waren nuances geworden nu hij het waagde de gezagsdragers in de hoofdstad uit te dagen met een triomfale intocht. Jezus was een gevaar geworden. De autoriteiten moesten de confrontatie met hen aangaan, met alle middelen die hun ten dienste stonden.’ – Fik Meijer, Jezus & de vijfde evangelist, Amsterdam, 2015, p. 255.