Shakespeare in een zwak moment

Zou het kunnen dat een minder geslaagd stuk van een klassiek auteur ook zijn vertaler minder inspireert? Willy Courteaux leverde tussen 1967 en 1971 een indrukwekkende prestatie door als derde na Kok (1880) en Burgersdijk (1886) de complete Shakespeare te vertalen. Zelfs in de ‘heel herziene vertaling’ uit 2007 struikel ik in All’s Well That Ends Well over een ongelukkige weergave in het derde toneel van het vijfde bedrijf: ‘… Het verloorne prijzen / Maakt de herinn’ring dierbaar. Roep hem hier, / Wij zijn verzoend, en ´t eerste weerzien zal / ´t Verwijt verstikken. Hij vrage geen vergiff’nis, /…’ (vv. 19b-22) Vijf elisies in nog geen vier verzen. Maar niet geklaagd, ik lees momenteel Twelfth Night en daar swingt Courteaux weer als in zijn beste bladzijden. Geen wonder, denk ik, want Driekoningenavond is volgens Courteaux ‘het hoogtepunt van Shakespeares speelse komedies.’